Home | Aflevering
Podcast Luisteren (PodNL)

Sciencefiction is ideeënliteratuur

Fantasyfans | 27 aug 2026 | 00:19:59

Stel dat we over een paar eeuwen versleten lichaamsdelen gewoon kunnen vervangen. Een nieuw skelet als het oude niet meer meewerkt, verbeterde ogen wanneer je zicht achteruitgaat en technische hulpmiddelen voor alles waar ons lichaam ons in de steek laat. Een aantrekkelijk vooruitzicht, totdat je bedenkt dat al die nieuwe onderdelen waarschijnlijk hun eigen gebruiksaanwijzing hebben.

Misschien heeft dat kunstmatige skelet een beperkte levensduur. Misschien moeten die verbeterde ogen iedere dag met een speciaal zalfje worden onderhouden. En als je nu al regelmatig je bril kwijt bent, waarom zou je in de toekomst ineens wél al je technische hulpmiddelen kunnen terugvinden?

Het is precies het soort gedachte-experiment waar Jango Mathijsen en Anaïd Haen plezier in hebben.

‘Het begint wel heel vaak met: wat als?’, zegt Jango.

‘Ja, maar dat is nog niet erg genoeg’, vult Anaïd aan. ‘En dan denken we alsmaar door. Totdat we echt een groot probleem hebben.’

Die manier van denken vormt de basis van veel van hun sciencefiction. In de verhalenbundels Er Zal Eens verkennen ze verschillende mogelijke toekomsten, terwijl hun Ruimtebrekers-serie zich afspeelt in een universum waarin de mensheid zich ver door het Melkwegstelsel heeft verspreid. Hun toekomst is zelden probleemloos, maar ook lang niet altijd de duistere dystopie die sciencefiction soms van ons maakt.

Liever naar de toekomst

Anaïd weet in ieder geval welke kant ze op zou gaan als tijdreizen ooit mogelijk wordt. Niet terug naar een romantisch verleden, maar vooruit.

‘Ik zou altijd naar de toekomst willen. Ik zou altijd willen weten wat er komt.’

Ook Jango kijkt betrekkelijk optimistisch naar wat daar op ons wacht. Technologische vooruitgang heeft volgens hem in het verleden veel bijgedragen aan onze levensstandaard en ons welzijn. Hij ziet geen reden waarom die ontwikkeling zou moeten stoppen. Alleen verandert technologie één ding niet: de mens zelf.

‘De mens blijft de mens. We hebben heel veel positieve eigenschappen als mensheid, maar er zijn ook een aantal slechte eigenschappen.’

Daarmee is meteen het probleem van een tè perfecte toekomst opgelost. Nieuwe uitvindingen kunnen ons leven aangenamer maken, maar ze geven ons ook nieuwe mogelijkheden om fouten te maken. Hoe krachtiger de technologie, hoe groter bovendien de mogelijke gevolgen als iemand haar verkeerd gebruikt.

Voor een sciencefictionschrijver is dat vruchtbare grond. In Er Zal Eens spelen Jango en Anaïd bijvoorbeeld met een technologie waarmee iemand zijn behoefte aan slaap kan uitschakelen en met een vorm van tijdreizen waarbij je terugkeert in je eigen leven. Ze beginnen daarbij niet met de vraag welke spectaculaire technologie ze kunnen verzinnen, maar wat zo’n uitvinding met een mens zou doen.

Met de camper door het heelal

Sommige toekomstideeën hebben verrassend alledaagse wortels. Anaïds eerste sciencefictionverhaal, Lieve Liefde, ontstond mede vanuit haar liefde voor reizen met een camper.

Op camperplaatsen ontstaan tijdelijke gemeenschappen. Mensen komen aan, helpen elkaar wanneer dat nodig is en trekken daarna weer verder. Anaïd stelde zich voor dat reizen door de ruimte ooit op een vergelijkbare manier zou kunnen werken: het heelal als een enorm vrij gebied waarin mensen elkaar onderweg ontmoeten en vervolgens weer hun eigen richting kiezen.

Iets van dat idee kwam later terug in het Ruimtebrekers-universum. Daar heeft de mensheid zich over een groot deel van het Melkwegstelsel verspreid en reizen ruimteschepen via ‘geulen’ door de ruimte. Jango vergelijkt ze met de vaarwegen die een ijsbreker door het poolijs maakt. Alleen worden deze geulen door het continuüm van de ruimte gebroken. Ze moeten worden aangelegd en onderhouden, wat vanzelf weer allerlei mogelijkheden voor nieuwe verhalen oplevert.

Anaïd ziet zichzelf er al doorheen reizen in een soort ruimtecamper. Het aardige is alleen dat die van binnen waarschijnlijk een stuk minder futuristisch zou zijn dan je bij een sciencefictionschrijver verwacht.

Een koekoeksklok in de ruimtecamper

Thuis loopt Anaïd namelijk bepaald niet voorop met de nieuwste snufjes.

‘Ik ben heel erg van de oude meuk.’

Ze houdt spullen het liefst zo lang mogelijk en repareert ze wanneer dat kan. De vanzelfsprekendheid waarmee een telefoon na een paar jaar wordt vervangen, verbaast haar. Niet omdat nieuwe technologie haar niet interesseert, maar omdat ze weinig reden ziet om iets weg te doen dat nog prima functioneert.

Een robotstofzuiger heeft ze dus niet. Ze kookt zelfs nog op gas, met het praktische argument dat ze bij een stroomstoring tenminste nog thee kan zetten.

In haar denkbeeldige ruimtecamper zou daarom best een ouderwetse klok kunnen hangen die je met de hand moet opwinden.

‘Dan weet je in ieder geval hoe laat het is op Mars.’

Het klinkt bijna tegenstrijdig…

Ontvang onze luistertips

De Luisterclub

Om de week onze luistertips in je mail, met alle ruimte om die van jou te delen.

Je ontvangt twee mailtjes per maand en je kunt je op elk moment weer uitschrijven.