
Van vergeten Nederlandse volksverhalen tot felgekleurde draken: de Nijmeegse illustrator Isabella van Maaren brengt met haar tekeningen fantasiewerelden tot leven. Tijdens Elfia Arcen vertelt ze over haar liefde voor sprookjes, haar zoektocht naar een eigen stijl en waarom je als beginnend kunstenaar vooral veel lelijke dingen moet durven maken.Een meisje ligt te slapen op de rug van een paard, tegen een felroze hemel. Even verderop kijkt een dreigende zwarte wolf je aan. En tussen de sterren zweeft een draak in bijna fluorescerende tinten rood en roze. Het zijn beelden die onmiddellijk vragen oproepen. Wie is dat meisje? Waar komt die wolf vandaan? En waar vliegt die draak naartoe?
Tijdens Elfia Arcen blijf ik staan bij een kraampje met de naam “Theeleut Tekeningen”. De illustraties vallen me meteen op door hun bijzondere kleuren en sprookjesachtige sfeer. Achter de kraam staat Isabella van Maaren, een illustrator uit Nijmegen die duidelijk een zwak heeft voor fantasie, folklore en, zoals de naam van haar onderneming al verraadt, thee.
„Ik hou erg van veel felle kleuren, ook als het niet per se logisch is”, vertelt ze. „Of wat roze lucht of zo. En sterretjes en glitters en veel waterverf. Beetje vloeiende kleurtjes.”
Het resultaat is een verzameling kleine werelden waarin je als bezoeker gemakkelijk verdwaalt. Maar achter sommige van die tekeningen blijken verhalen schuil te gaan die veel ouder zijn dan je zou verwachten.
Vergeten sprookjes uit eigen land
Het slapende meisje op het paard blijkt Liesje te zijn, een personage uit een oud Noord-Hollands sprookje over het zeepaard van Volendam. Isabella vertelt hoe het meisje zich niet thuis voelt tussen de mensen en vriendschap sluit met een magisch paard. Uiteindelijk vluchten ze samen de zee in.
De zwarte wolf daarnaast komt uit een heel ander verhaal: de weerwolf van Bladel, een sprookje uit Brabant.
Beide illustraties maakte Isabella voor haar boek Sprookjes uit heel Nederland, waarin ze twaalf volksverhalen uit verschillende Nederlandse provincies heeft verzameld, herschreven en geïllustreerd.
Opvallend genoeg begon dat boek als een schoolopdracht. Voor haar eindproject aan de kunstacademie mocht Isabella zelf kiezen wat ze wilde maken. Een docent stelde voor om een bestaand sprookje te illustreren, zodat ze niet ook nog zelf een verhaal hoefde te schrijven.
Maar toen Isabella op zoek ging naar geschikte sprookjes, ontdekte ze hoeveel Nederlandse volksverhalen ze eigenlijk niet kende.
„Toen kwam ik zoveel Nederlandse sprookjes tegen die ik niet kende, dat ik dacht: dit is zonde, dit moeten meer mensen kennen.”
Ze besloot er een heel boek van te maken. Sommige oorspronkelijke teksten waren geschreven in ouderwets Nederlands, dus herschreef ze de verhalen om ze toegankelijker te maken. Vervolgens maakte ze er haar eigen illustraties bij.
Zo werd een illustratieopdracht onverwacht ook haar debuut als auteur.
En het boek blijkt op Elfia behoorlijk wat nieuwsgierigheid op te wekken. Veel bezoekers hebben nog nooit gehoord van de sprookjes uit hun eigen provincie. Soms herkent iemand iets uit een verhaal dat vroeger door een grootouder werd verteld.
Dat vindt Isabella misschien wel het leukste aan de reacties. Haar boek brengt niet alleen vergeten verhalen onder de aandacht, maar roept af en toe ook oude herinneringen op.
Een voorliefde voor sprookjes met een donker randje
Isabella’s liefde voor sprookjes begon al op jonge leeftijd. Ze groeide op met Disneyfilms, maar ook met de sprookjesboeken waaruit haar ouders voorlazen. De verhalen en de bijbehorende illustraties waren voor haar onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Wanneer ik vraag welk sprookje vroeger haar favoriet was, komt er een verrassend antwoord: De Kleine Zeemeermin.
Maar niet de vrolijke Disneyversie.
„Wel de gruwelijke versie waar ze dan uiteindelijk opging in de bubbels”, vertelt ze. Vooral de prachtige tekeningen maakten indruk op haar.
Het is een mooi voorbeeld van wat klassieke sprookjes zo bijzonder maakt. Ze hoeven niet altijd goed af te lopen. Achter de magie en verwondering schuilt vaak ook iets verdrietigs, gevaarlijks of geheimzinnigs.
Die combinatie herken ik in Isabella’s illustraties. Zelfs wanneer de kleuren vrolijk en uitbundig zijn, hebben de beelden iets mysterieus. Ze laten genoeg aan de verbeelding over om zelf verder te fantaseren.
Een eigen stijl die je zelf niet meteen herkent
Wie Isabella’s tekeningen naast elkaar ziet, herkent al snel een duidelijke stijl. De opvallende kleuren, zachte overgangen en sprookjesachtige composities geven haar werk een eigen karakter.
Toch vertelt Isabella dat ze tijdens haar opleiding aan de kunstacademie lang heeft geworsteld met het vinden van die eigen stijl.
„Ik heb er heel erg hard naar gezocht. Ik heb de kunstacademie gedaan en ik kon het niet echt vinden, voor mijn gev…
